Loonse en Drunense duinen 3.0

We kamperen op vlakte tussen de bergen waar omgevingslicht ver te zoeken is. Hetzelfde geldt voor het fenomeen wolk, dus we hebben de ideale omstandigheden om afgelopen nacht de sterrenhemel te fotograferen. Maar wie zou er een spelbreker kunnen zijn? U raadt het al de maan. Afgelopen dag ging de maan om 12:54 uur op en om vandaag om 02:06 uur onder. Tenminste dat weet Garmin-gps te melden. De halve maan werpt zoveel licht op aarde dat je er een boek bij kan lezen. Sterren stralen vooral in bed, en het goede voornemen is dan ook om om 0200  uur op te staan. 0200 uur; ik moet plassen. Tegen heug en meug in lukt het om de tent te verlaten. De maan staat laag, maar niet zo laag dat deze om 02:06 uur achter de bergen verdwijnt. Het is een goed excuus om gewoon weer snel tussen de dekens te verdwijnen. Bij het retour van het sanitair zit Willem verwachtingsvol in de  tentopening. Verheugd vraag ik of ik hij mijn externe ruggengraat is en hij sterren wil fotograferen. “Heb jij de autosleutels, ik heb dorst”, is het antwoord op mijn vraag, en twee slapjanussen duiken weer het bed in om te dromen van foto’s die we niet gemaakt hebben.

De zon is net aan zijn shift begonnen voor dit deel van de wereld en wij bereiden ons voor op een bezoek aan Sossusvlei om de rode duinen eigenhandig te aanschouwen. We plannen van alles, bezoek aan welke vlei: Narravlei, Deadvlei, Sossusvlei of allemaal. We weten dat je een parkeerplaats kan komen en met een 4×4 auto zelf kan doorrijden. Het is allemaal leuk plannen vanaf de zijlijn, maar uiteindelijk moeten we het ter plekke zien.

Sesriem is niets meer dan een verzameling administratieve gebouwtjes om de  toegang tot het duinenpark te reguleren. Het is wederom de gebruikelijke administratie (wordt vervolgd). In de ruimte waar de administratieve yoga wordt afgehandeld bevindt zich ook een winkeltje met levensmiddelen en souvenirs. Duizenden mensen passeren op weekbasis deze ruimte. Sossusvlei is toeristmagneet nummer 1 van Namibie daar zet je natuurlijk een winkeltje bij met schappen die net zo gevuld zijn als in Noord Korea. Dat is tenminste het beeld dat er bij ons ontstaat.

De bureaucratische hordenloop is overwonnen en we leggen de laatste 60 kilometer af over een comfortabele asfaltweg. De rotsen links en recht maken geleidelijk plaats voor duinen van rood zand met scherpe kammen. Duin 45 ligt op tweederde van ons uiteindelijke reisdoel. Het is een zandduin redelijk dicht bij de weg. De vorm, het landschap, de kleur, de stilte het enige wat het met je kan doen is dat je de stilte van de natuur respecteert en ook stil wordt. Af en toe opgeschrikt door de elektronische afdrukklik en wind. Tot dat er een truck met grijze overlanders langskomt, dan is het gedaan met het genieten en vervallen we in vluchtgedrag.

De hoofdparkeerplaats dient zich al snel aan. Een grote verzameling van gehuurde auto’s waarvan de inhoud zich “comfortabel” met de shuttle-service verder laat brengen a N$ 150,- per persoon. Maar ja het informatiemateriaal dat ons ter hand is gesteld stelt toch duidelijk dat de vervolgroute met een 4×4 gedaan kan worden. Het alternatief is 4-5 kilometer lopen door het mulle zand, maar dat laat de voet van Marieke helaas niet toe en aangezien we het principe “samen-uit-samen-thuis” hanteren en in het bezit zijn van een onoverwinnelijke Toyota Hilux besluiten we dit stuk zelf te gaan rijden.

Autootje gaat op 4×4 drive, hart en zweetklieren gaan in overdrive en off we go. Het autootje rijdt de parkeerplaats af en het zand in. De ondergrond wordt al sneller losser en losser. De wielen lijken een eigen wil te leiden en gaan een kant op die tegen gesteld aan het stuur. Het is alsof je door water rijdt. Je doet wat, je wilt wat maar het autootje heeft andere plannen. Als welwillende leerlingen die voor het eerst een praktijkles 4×4 rijden volgen stranden we al snel in het losse vogelzand van de genadeloze Sossusvlei. Zo te zien zijn we al verder gekomen dan andere ongelukkigen die hun auto tot aan het chassis in het zand hebben achter gelaten. We voelen ons er niet beter door. Om geen gezichtsverlies te lijden voor de omgeving spartelen we nog wat met een grote glimlach op het gezicht, maar daar trappen de omstanders helaas niet in. Een jeep vol mensen die wel voor de shuttleservice hebben gekozen houdt staande . Een goedlachse chauf biedt zijn hulp aan. Niet zonder eerst zijn gasten te vragen of het ok is kruipt hij achter ons stuur. Kundiger dan ons, weet hij beweging in het autootje te krijgen. Echter niet zonder onze domme kracht. Mannen moeten ook nog helpen duwen om de logge massa op het “droge” te krijgen, maar het lukt. Zwetend en met hartkloppingen bezweren we dat we niet verder gaan en omkeer maken. We zien wel hoe we bij de duinen komen. Maar dan verschijnt er een volgende lachebekkie. “No problem, no sand here, just follow me.” Nee geen denken aan is ons standpunt, wij gaan terug. Maar hoe standvastiger wij zijn hoe meer hij het voor elkaar krijgt ons te laten denken dat we watjes zijn. Onze elastieken ruggengraat rekt uiteindelijk mee en we rijden achter het lachebekkie aan en zowaar bereiken we onze bestemming. We zijn er, pfjuuuuh! “Het zweet staat tussen mijn bombonella’s”, weet Miranda uit te brengen, “en we moeten ook nog terug. Maar ja het is zoals het is. We zijn er en maken er derhalve het mooiste van.

De zandduinen laten zich wat betreft natuurgeweld en schoonheid moeilijk beschrijven. Je kent ze van de foto’s en het beeld dat dan makkelijk ontstaat is dat deze zandhopen op zich zelf staan in een kaal landschap. Echter de werkelijkheid is nog bijzonderder dan je had kunnen bedenken. Rode duinen van tientallen meters hoog die zich over een gebied van honderden vierkante kilometers uitspreiden als ribbels in het zand tijdens een strandwandeling. Alleen dan een slagje groter; Loonse en Drunense duinen 3.0 zeg maar. Het is de wederom de leegheid, de contrasten en de stilte die het geheel zo machtig maken en het gevoel van kleinheid opwekken. De toegankelijkheid van dit alles is onovertroffen. In elk willekeurig ander gebied van de wereld zou alles zijn afgesloten met hekjes en boardwalks. Hier loop je over de zandformaties, tussen de tijdloze stammen van dode bomen en in het spoor van spiesbokken, zebra’s en woestijnslangen. Hoe uniek is dat? Maar aan alles komt een eind en met het einde van ons bezoek begint ook weer een nieuwe zandbeproeving voor het autootje. Maar Nikki Heijdeman heeft tijdens de heenweg goed opgelet en zorgt dat de klauwen van het zandmonster geen vat op ons krijgen. De enige horde die ons nog rest is papiermonster bij de gate. Stapels papier worden minutieus doorgeplozen op zoek naar het kenteken dat vanochtend bij binnenkomst is geregistreerd. Mevrouw doet haar werk zeer minutieus. Wat zou er gebeuren als je niet gevonden zou worden? Doet u maar een voorstel, de Namibische autoriteiten verrassen mij niet meer. De natuur des te meer.


2 gedachtes aan “Loonse en Drunense duinen 3.0

  1. AvatarRik Polman

    Mooi verhaal, Deadvlei, Sossusvlei. Een fenomeen !

    Erg goed dat jullie niet al veel eerder zijn ‘vastgelopen’ in het zand.

    en…inderdaad, dit is een druk stukje woestijn. Je komt veel mensen tegen waarvan enkele (locals) erg veel ervaring en graag bereid zijn om jou weer ‘los te rjiden’.

    …weer wat geleerd….

Geef een reactie

%d bloggers liken dit: